Vervolgens de overige stammen:

Benjamin krijgt een deel, van oost naar west.

Grenzend aan Benjamin krijgt Simeon een deel, van oost naar west.

Grenzend aan Simeon krijgt Issachar een deel, van oost naar west.

Grenzend aan Issachar krijgt Zebulon een deel, van oost naar west.

Grenzend aan Zebulon krijgt Gad een deel, van oost naar west.

Grenzend aan Gad, in het zuiden, loopt de grens vanaf Tamar tot aan het water van Meribat-Kades en dan langs de wadi naar de Grote Zee. Dit is de indeling van het land dat jullie door loting moeten verdelen onder de stammen van Israël – zo spreekt God, de HEER.

De heilige stad.

Dit zijn de omtrekken van de stad. Aan de noordkant meet ze 4500 el. De poorten van de stad zijn genoemd naar de stammen van Israël.

Er zijn drie poorten op het noorden:

de Rubenpoort, de Judapoort en de Levipoort.

Aan de oostkant 4500 el, met drie poorten: de Jozefpoort, de Benjaminpoort en de Danpoort.

De zuidkant meet 4500 el, met drie poorten:

de Simeonpoort, de Issacharpoort en de Zebulonpoort.

De westkant 4500 el, met deze drie poorten:

de Gadpoort, de Aserpoort en de Naftalipoort.

De omtrek van de stad bedraagt 18.000 el.

Voortaan heet de stad:

‘De HEER is daar!’

Loading

Lees ook deze Berichten:

Ezechiël 1:15-28 Ezechiël geroepen 2

Ezechiël 26:12-21 Profetie over Tyrus 2

Ezechiël 6:1-10 Israël getroffen door het zwaard 1

Ezechiël 33:22-33 Ieder mens naar zijn daden beoor...

Ezechiël 6:11-14 Israël getroffen door het zwaard ...

Ezechiël 23:45-49 Ohola en Oholiba 4

Ezechiël 17:15-24 De adelaars en de wijnstok 2

Ezechiël 40:1-12 De nieuwe tempel 1

Ezechiël 28:1-15 1

Ezechiël 13:14-23 2

Ezechiël 44:20-31 Toegang tot de tempel 3

Ezechiël 25:10-17 Profetie tegen de volken die Isr...

Ezechiël 40:40-49 De nieuwe tempel 4

Ezechiël 19:1-14 De leeuwin en de wijnstok

Ezechiël 30:15-26 2

Ezechiël 8:1-11 Visioen in de tempel van Jeruzalem...

Ezechiël 14:12-23 Het lot van Jeruzalem 2

Ezechiël 39:1-14 1

Ezechiël 31:1-11 1

Ezechiël 37:1-14 Een dal vol beenderen 1

Ezechiël 37:15-28 Eén God, één volk, één herder 2

Ezechiël 3:1-17 1

Ezechiël 2:1-10

Ezechiël 35:1-15 Profetie over het Seïrgebergte en...

Ezechiël 32:25-32 3

Ezechiël 36:26-38 3

Ezechiël 39:15-29 2

Ezechiël 40:13-26 De nieuwe tempel 2

Ezechiël 11:1-13 1

Ezechiël 36:13-25 2

Ezechiël 16:52-63 Jeruzalems ontrouw 5

Ezechiël 48:13-22 2

Ezechiël 22:18-31 Oordeel over Jeruzalem 2

Ezechiël 3:18-27 2

Ezechiël 43:12-20 De verschijning van de HEER keer...

Ezechiël 17:1-14 De adelaars en de wijnstok 1

Ezechiël 28:16-26 2

Ezechiël 48:1-12 1

Ezechiël 29:1-12 Profetie tegen Egypte 1

Ezechiël 12:20-28 Een teken voor het opstandige vo...

Ezechiël 18:23-32 Wie rechtvaardig handelt, zal le...

Ezechiël 31:12-18 2

Ezechiël 38:1-12 Gogs leger vernietigd 1

Ezechiël 25:1-9 Profetie tegen de volken die Israë...

Ezechiël 42:12-20 De ruimten voor de priesters 2

Ezechiël 1:1-14 Ezechiël geroepen 1

Ezechiël 27:20-36 2

Ezechiël 40:27-39 De nieuwe tempel 3

Ezechiël 18:14-22 Wie rechtvaardig handelt, zal le...

Ezechiël 23:1-16 Ohola en Oholiba 1

Ezechiël 34:11-20 De slechte herders en de goede h...

Ezechiël 15:1-8 Het hout van de wijnstok

Ezechiël 20:37-44 Israël opstandig en ontrouw 4

Ezechiël 4:11-17 2

Ezechiël 33:1-11 Ieder mens naar zijn daden beoord...

Ezechiël 13:1-13 1

Ezechiël 23:31-44 Ohola en Oholiba 3

Ezechiël 46:12-24 2

Ezechiël 8:12-18 Visioen in de tempel van Jeruzale...

Ezechiël 42:1-11 De ruimten voor de priesters 1

Ezechiël 4:1-10 1

Ezechiël 33:12-21 Ieder mens naar zijn daden beoor...

Ezechiël 20:26-36 Israël opstandig en ontrouw 3

Ezechiël 41:13-26 2

Ezechiël 20:13-25 Israël opstandig en ontrouw 2

Ezechiël 16:1-13 Jeruzalems ontrouw 1

Ezechiël 21:17-28 Het goddelijk zwaard 2

Ezechiël 24:15-27 Een plotselinge slag 2

Ezechiël 44:1-10 Toegang tot de tempel 1

Ezechiël 23:17-30 Ohola en Oholiba 2

0Shares